Traditiegetrouw kijken we op het einde van het jaar graag al even vooruit naar wat het volgende jaar aan nieuwigheden brengt op vlak van verzekeringen en financiën. De grootste verandering situeert zich in de wijzigingen van het buitencontractueel aansprakelijkheidsrecht, zoals bepaald door boek 6 van het Burgerlijk Wetboek. De hervormde wetgeving moderniseert het bestaande kader en zal gevolgen hebben voor particulieren, ondernemers en bedrijven. We komen hier volgend jaar zeker nog uitgebreid op terug.
- Wijzigingen buitencontractuele aansprakelijkheid.
- Bestuurdersaansprakelijkheid: Voortaan loop je als bestuurder van je vennootschap een hoger risico om persoonlijk aansprakelijk te worden gesteld voor ernstige fouten, nalatigheden of inbreuken op het Wetboek Vennootschappen en Verenigingen. Zelfs bij gebrekkig toezicht op je mede-bestuurers kan je nu persoonlijk aansprakelijk worden gesteld. Het belang van een goede notulering tijdens de jaarvergaderingen en een goede polis bestuurdersaansprakelijkheid wordt groter.
- Aansprakelijkheid (onder)aannemers: Boek 6 maakt komaf met de zogenaamde “quasi-immuniteit” en het “samenloopverbod”. Door de afschaffing van de quasi-immuniteit kan een klant voortaan rechtstreeks een onderaannemer aansprakelijk stellen voor schade in het kader van de uitvoering van een overeenkomst. Tot nu toe kon de klant zich uitsluitend richten tot de hoofdaannemer en was de onderaannemer “immuun” voor vorderingen van de eindklant. De afschaffing van het samenloopverbod heeft dan weer tot gevolg dat een klant voortaan ook op niet-contractuele basis kan vorderen van zijn contractspartij. Dat kan aangewezen zijn omwille van andere verjaringsregels en vergoedingsprincipes in het buitencontractueel recht. Een schadelijder heeft voortaan dus meer mogelijkheden om een vordering in te stellen. Voor de (onder)aannemer is het des te belangrijker om goed verzekerd te zijn. Het begrip (onder)aannemer is trouwens van toepassing in alle sectoren en niet alleen in de bouwsector.
- Ruimere aansprakelijkheid als ouder: de wijzigingen die betrekking hebben op de aansprakelijkheid van uw minderjarige kinderen en uw aansprakelijkheid als ouder kan u terugvinden in ons artikel van 21/10/2024. Het belang van uw familiale verzekering wordt dus nog groter vanaf 2025.
- Nieuwe minimumrendementsgarantie voor groepsverzekeringen: Voor werknemers stijgt vanaf 1 januari 2025 de minimum rendementsgarantie op nieuwe stortingen van 1,75% naar 2,5%. Deze verhoging geldt niet voor spaarplannen voor zelfstandigen en bedrijfsleiders (bvb VAPZ of IPT).
- Verhoging wettelijke pensioenleeftijd. De wettelijke pensioenleeftijd wordt vanaf 2025 verhoogd naar 66 jaar. Wie na 01/01/1960 geboren is, dient dus een jaar langer te werken. Goed nieuws voor uw groepsverzekering! Want dat betekent dat er een jaar langer premies worden opgebouwd in de groepsverzekering van werknemers en ook zelfstandigen kunnen een jaar langer premies sparen in hun aanvullende pensioenplannen.
- Verlenging verdachte periode bij schenkingen. Vanaf 2025 wordt de verdachte termijn bij schenkingen verlengd van 3 naar 5 jaar. Dat betekent dat bij overlijden van de schenker binnen de 5 jaar na de schenking alsnog erfbelasting moet worden betaald op het geschonken bedrag. Een overlijdensverzekering op 5 jaar ter indekking van die verschuldigde erfbelasting kan in dit geval een oplossing bieden.
- Belastingvoordeel voor langetermijnsparen blijft (tot nader order) bestaan: In het kader van de geplande fiscale hervormingen bleef er onzekerheid bestaan over het behoud van het belastingvoordeel voor langetermijnsparen. Afhankelijk van wat de federale onderhandelaars beslissen, zou het kunnen dat dit voordeel alsnog wordt afgeschaft. Maar voorlopig is dat nog niet het geval. Je vindt er hier alles over.

